headerfoto headerfoto headerfoto headerfoto headerfoto headerfoto headerfoto headerfoto headerfoto headerfoto headerfoto headerfoto headerfoto headerfoto headerfoto headerfoto
 
Arbitrage

De Scheids : Een gevaarlijk spel

Nieuws afbeelding 3-2-2019 Ik zie ze te vaak in mijn praktijk, zei de man die naast mij was komen staan. Het was net na een herenwedstrijd in de zaal. Ik stond met mijn collega bondsscheidsrechter nog even na te praten over wat ik het lastigste moment vond van die wedstrijd. Er was hoog op de goal gepusht door een aanvaller. De bal zou voorlangs zijn gegaan als een verdediger deze niet op zijn borst had gekregen en de bal daarbij alsnog in het doel was gekaatst. Ik had een doelpunt toegekend.

Weet je, zei de man, ik ben tandarts. Er komen bijna wekelijks hockeyers in mijn praktijk met tandletsel. Ik vind dat scheidsrechters sneller moeten fluiten voor gevaarlijk spel.

Hij sloeg de spijker op zijn kop. Ik hád moeten fluiten voor gevaarlijk spel en het doelpunt moeten afkeuren. Waarom ik dat niet had gedaan? Omdat ik verward was. Laat me uitleggen waarom.

In de zaal mag je hoog op het doel pushen. Een ‘schot op doel’ is de bal, gepusht door een aanvaller vanuit de cirkel, waarmee deze de intentie had om een doelpunt te maken. In de situatie die ik beschreef was daarover geen enkele twijfel. De aanvaller had met dit schot de intentie om te scoren. Als de bal, terwijl deze onderweg is, het doel toch blijkt te missen, verandert natuurlijk niet ineens de intentie van dat schot. Het schot wordt dan niet ineens een pass, welke in alle gevallen laag moet zijn. Toch is dit de redenering die scheidsrechters door de jaren heen hebben gevolgd. Als de hoge bal te ver naast is, kan het geen schot op doel meer zijn en moet deze worden afgefloten. Nonsens natuurlijk.

Waarom volgen veel scheidsrechters deze redenering? Ik denk omdat deze redenering de scheidsrechter weghoudt van een lastiger vraagstuk, namelijk dat van het gevaarlijk spel. Gevaarlijk spel is een vraagstuk waar we in het hockey maar geen vat op krijgen. Dat is ook wel begrijpelijk: Noem mij één andere sport waar de bal zó hard is, zo hard gaat én waar alle spelers een moordwapen met zich meedragen. Ik geef het de spelregelmakers te doen. Talloos zijn door de jaren heen de spelregelwijzigingen geweest die tot doel hadden om gevaarlijk spel te beteugelen. Denk aan de eindeloze regelaanpassingen van wat het ‘blok’ is gaan heten, of de ‘pirouette’. Bijna niemand die er nog een touw aan kan vastknopen.

Even talloos echter waren de spelregelwijzigingen die tot doel hadden het spel attractiever te maken: het hockey als kijkspel. Deze twee elementen –gevaar vs. attractie- botsen het hardst in de cirkel, met de strafcorner als epicentrum. De corner is super attractief én super gevaarlijk. En bleef zónder spelregelwijzigingen die daadwerkelijk tot een afname van het gevaar leidden. De spanning van de corner wint het steeds weer van de redelijkheid.

Onze ambivalentie (of is het hypocrisie?) tussen gevaar en attractie werd blijkbaar ook mij even te veel. Zó snel kon ik al deze inzichten niet verwerken. Ik maakte de verkeerde keuze en ben boos op mezelf dat ik voor attractiviteit koos in plaats van veiligheid.

Ik geloof dat je gelijk hebt, zei ik nog wel tegen de tandarts, toen deze wegliep. En ik beloofde hem er nog eens over na te denken. Waarvan akte.

Reacties


Er zijn nog geen reacties, plaats uw reactie hieronder

Reageer op het nieuws